In België wordt de digitale divisie steeds duidelijker: terwijl de overheid investeert in de uitbreiding van de 5G-netwerken, blijft een groot deel van de bevolking nog steeds te maken krijgen met een instabiele of trage internetverbinding. Volgens recent onderzoek van de Belgische Federale Overheidsdienst (FOD) binnenlands bestuur, zijn er nog steeds meer dan 15 procent van de huishoudens in Vlaanderen en Wallonië die onder de 30 Mbps vallen, het minimum dat nodig is voor een moderne digitale ervaring. Deze schaarse verbindingen zijn niet enkel een frustratie voor gebruikers, maar hebben ook concrete gevolgen voor economie, onderwijs en maatschappelijke deelname.
Een slechte internetverbinding heeft vooral een nadelige impact op de economie. Volgens een studie van het VIVA (Vlaams Instituut voor de Arbeidsmarkt en Onderwijs) verliest de Belgische economie jaarlijks meer dan 1,2 miljard euro door de inefficiënties die ontstaan door een slechte verbinding. Bedrijven die afhankelijk zijn van cloudservices, videoconferencing of online handel, blijven vaak achter bij internationale concurrenten. Een voorbeeld hiervan is de sector van de digitale diensten, waar slechts 45 procent van de bedrijven in Wallonië voldoende snelheid heeft om te kunnen concurreren met buitenlandse ondernemingen.
Ook in het onderwijs is de verbinding van cruciaal belang. In 2022 bleek dat 22 procent van de Belgische leerlingen, vooral in lage-ingebonden gebieden, last had van een instabiele verbinding tijdens online lessen. Dit leidde tot een toename van de digitale kloof tussen scholieren uit steden en die uit afgelegen dorpen. De Vlaamse Regering heeft hierop geantwoord met het programma “Digitale School”, dat gratis routers en verbeterde verbindingen voorbehoeftige scholen inzet. lees het artikel om te zien hoe dit initiatief zich concreet heeft uitgewerkt.
Maar het probleem gaat verder dan enkel de technische aspecten. Een slechte verbinding beperkt ook de maatschappelijke deelname. Volgens de Eurostat is België in 2023 een van de landen met de grootste verschillen in internetgebruik tussen verschillende bevolkingsgroepen. Mensen in armere wijken hebben minder toegang tot online diensten zoals gezondheidszorg, online bankieren of deelname aan digitale gemeenschapsinitiatieven. Dit kan leiden tot een groeiende afstand tussen de digitale en offline maatschappij.
Technische oorzaken en oplossingen
De oorzaken van een slechte internetverbinding in België zijn divers. In veel gevallen ligt de schuld bij de overbezette kabelnetwerken in stedelijke gebieden, waar de capaciteit niet voldoende is om de groeiende vraag te kunnen dragen. In lage-ingebonden gebieden is het vaak de telecomaanbieder die niet genoeg investeert in de uitbreiding van de 4G- en 5G-netwerken. Dit komt mede door de lage opbrengsten in deze gebieden, wat leidt tot een zekere “uitlopermentaliteit”.
De oplossingen zijn echter niet eenvoudig. De Vlaamse en Franse regering hebben in de afgelopen jaren verschillende initiatieven gelanceerd, zoals het “5G-Plan Vlaanderen” en het “Plan National de Développement du Numérique” in Wallonië. Deze plannen focussen op de uitbreiding van de 5G-netwerken en het verbeteren van de infrastructuur in lage-ingebonden gebieden. Ook de private sector speelt een rol, met initiatieven zoals de uitbreiding van het 5G-netwerk door providers zoals Proximus en Orange.
De toekomst van een betere digitale infrastructuur
De toekomst van een betere digitale infrastructuur in België hangt af van zowel overheid als private sector. De overheid moet ervoor zorgen dat de investeringen in de digitale infrastructuur voldoende zijn en dat er voldoende middelen beschikbaar zijn voor lage-ingebonden gebieden. Private providers moeten ook meer investeren in de uitbreiding van hun netwerken, met name in gebieden waar de vraag groot is maar de opbrengsten klein. Daarnaast is het belangrijk dat er meer aandacht wordt besteed aan de digitale vaardigheden van de bevolking, zodat iedereen kan profiteren van de mogelijkheden die een goede internetverbinding biedt.
Concrete voorbeelden van impact
- In het Waals-Brabantse dorpje Hoegaarden, waar 30 procent van de huishoudens onder de 30 Mbps valt, zijn er meer dan 200 bedrijven die afhankelijk zijn van cloudservices, maar slechts 15 procent van deze bedrijven heeft voldoende snelheid.
- De Vlaamse school “De Schakel” in Mechelen, een school voor mensen met een beperking, heeft dankzij subsidies van het Vlaams Ministerie van Onderwijs een verbeterde internetverbinding gekregen, wat heeft geleid tot een verbeterde digitale leerervaring voor de leerlingen.
- In het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is de digitale kloof tussen de arme wijken en de rijke wijken zo groot dat 60 procent van de inwoners in de arme wijken geen toegang heeft tot online gezondheidszorg, terwijl dit in de rijke wijken slechts 20 procent is.
- Het bedrijf “Digitale Vlaanderen” heeft in samenwerking met lokale overheden een programma gelanceerd om in lage-ingebonden gebieden gratis routers te leveren aan huishoudens die geen voldoende verbinding hebben.
- De studie van het VIVA toont aan dat bedrijven die investeren in een betere internetverbinding, gemiddeld 18 procent meer productiviteit kunnen behalen en hun omzet met 12 procent kunnen verhogen.
De digitale divisie in België is een complex probleem dat niet alleen technisch, maar ook maatschappelijk en economisch moet worden aangepakt. Het is essentieel dat alle stakeholders – overheid, private sector en burgers – samenwerken om ervoor te zorgen dat iedereen in België toegang heeft tot een betrouwbare en snelle internetverbinding. Zo kunnen we ervoor zorgen dat België niet achterblijft in de digitale wereld.